Stichting Human Concern biedt landelijke ambulante hulp aan mensen (en hun omgeving) die lijden
aan een eetprobleem of eetstoornis. In de vorm van individuele therapie, groepstherapie en
emailtherapie.
'Unieke visie op een andere aanpak van eetstoornissen'
Stichting Human Concern biedt een behandeling gebaseerd op de combinatie van professionaliteit
EN ervaringsdeskundigheid
De vrije wil en eigen motivatie van een patiënt om te worden behandeld, in plaats van een
behandeling gebaseerd op een straf- en beloningsysteem staat bij Human Concern centraal.
Bovendien richt de behandeling zich niet primair op het gewicht of het verstoorde eetgedrag
(=symptoom), maar pakt de hele eetstoornis aan. Zodat het risico op een terugval beduidend
minder wordt.
Het unieke aan Human Concern is daarnaast dat de aangesloten profesionele hulpverleners
daarnaast nagenoeg allemaal ervaringsdeskundigheid zijn. Dat wil zeggen dat zij ooit zelf een
eetstoornis hebben gehad (en overwonnen hebben). Buiten hun eigen psychotherapeutische
opleiding hebben zij intern een intensieve training gevolgd in de specifieke manier van behandelen
en het adequaat inzetten van ervaringsdeskundigheid.
Wil je meer weten over wie wij precies zijn en wat we doen, lees dan onze website eens.
Misschien helpt het je verder!
Een eetstoornis is een psychische aandoening, een afwijking van het normale eetgedrag behorend
bij de leeftijd, het geslacht, en dergelijke. Het probleem kan zich bevinden in de hoeveelheid
voedsel die iemand tot zich neemt (te veel of te weinig), in eetaanvallen, in het uitbraken van
voedsel (met als doel gewichtscontrole), in voedselweigering, ...
Indien de betroffene lijdt aan overeten, ontstaat het risico van obesitas (vetzucht).
In het handboek Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders zijn twee eetstoornissen
beschreven:
Anorexia nervosa (magerzucht): men zal er alles aan doen om heimelijk wegen te vinden niet te
hoeven eten.
Boulimia nervosa: men is sterk geobsedeerd om heimelijk veel te eten en dit kort daarna weer uit te
braken, of te laxeren.
Afhankelijk van de effectiviteit van braken of laxeren zal de betroffene in gewicht afnemen of
toenemen. Verder wordt in het handboek ook nog melding gemaakt van een restgroep: eetstoornis
niet anderszins omschreven. Hieronder vallen stoornissen die wel afwijkingen van het eetgedrag
betreffen, maar niet onder de bovenstaande ziektebeelden vallen.
In appendix B van het DSM-IV (voorgestelde onderzoekscriteria) is ook nog sprake van de
eetbuienstoornis (Binge Eating Disorder): Deze eetstoornis heeft grote overeenkomsten met
boulimia nervosa, maar het compensatiegedrag (braken etc.) ontbreekt. Als gevolg hiervan kan de
patiënt gewichtproblemen ontwikkelen. Dit kan vervolgens weer tot lichamelijke en psychische
klachten leiden.
(Nog) niet in het het DSM-IV vermeld, maar wel in onderzoek, is de aandoening orthorexia nervosa,
die zich kenmerkt door een obsessie voor de gezondheid van het voedsel.