Facebookpagina Human Concern Twitteraccount Human Concern Youtubekanaal Human Concern Instagramaccount Human Concern Google Plus Human Concern LinkedIn Human Concern
Scroll naar boven

Oorzaken van een eetstoornis

Oorzaken van een eetstoornis

Hoe krijg je een eetstoornis? Er is geen eenduidige oorzaak aan te wijzen voor het ontstaan van een eetstoornis, zo luidt op dit moment de meest gangbare opvatting. Men gaat ervan uit dat een combinatie van erfelijke, karakterologische, psychologische, biologische of lichamelijke, opvoedkundige, familiaire en sociaal-culturele factoren een rol speelt bij de ontwikkeling van een eetstoornis.

In het verleden bestond er een andere visie: aandacht vragen, een dominante moeder, losmaking van de ouders, seksueel misbruik, niet willen opgroeien tot vrouw of het nastreven van het schoonheidsideaal zouden dé oorzaken zijn voor het ontstaan van een eetstoornis. Inmiddels is deze opvatting dus genuanceerd. Ook wordt de laatste tijd steeds meer onderzoek gedaan naar genetische factoren die van invloed kunnen zijn. Deze factoren kunnen iemand kwetsbaar maken voor het ontwikkelen van een eetstoornis (of andere psychische stoornis).

Risicofactoren die de kwetsbaarheid voor het ontwikkelen van een eetstoornis vergroten:

  • Aanleg
  • Opvoeding
  • Ontwikkeling van de persoonlijkheid
  • Ingrijpende gebeurtenissen of omgevingsfactoren
  • Puberteit en adolescentie
  • Lichamelijke aanleg
  • Sociale en culturele aspecten
  • Erfelijkheid en aanleg
  • Genen
Aanleg
Aspecten van iemands karakter, die bij de geboorte al aanwezig zijn, kunnen aanleiding geven tot het ontwikkelen van een eetstoornis. Veel mensen met een eetstoornis blijken in de aanleg overeenkomsten te hebben. Extreme gevoeligheid en een hogere mate van introversie (bij anorexia nervosa) of extraversie (bij boulimia nervosa), soms in combinatie met een hogere intelligentie (IQ) zijn hiervan voorbeelden. Overgevoeligheid zoals het hebben van 'voelsprieten' of een sterke intuïtie op het gebied van aanvoelen van stemmingen van anderen, sfeer, geluid, licht, temperatuur, informatie van buitenaf (tv, krant), vroege en sterke herinneringen, etc. 'HSP' (hoog sensitieve persoonlijkheid) komt nogal eens voor als je een eetstoornis hebt. Alsof prikkels van buitenaf ongefilterd binnenkomen en moeilijker gerelativeerd kunnen worden. Als je een hogere gevoeligheid hebt, voel je je vaak verantwoordelijk voor wat er om je heen en in de wereld gebeurt en daardoor draag je een te zware last op je schouders. Je gaat daarom vaak gebukt onder gevoelens van machteloosheid, schuld of frustratie.

Opvoeding
Soms heeft een van de ouders een eetstoornis en ligt in het gezin sterk de nadruk op uiterlijk en gewicht. Als kind leer je dan dat het beter is om slank te zijn en krijg je diëten als het ware met de paplepel ingegoten. Ook kan het leveren van prestaties een strenge norm in het gezin zijn. Je leert dan als kind dat alleen het beste wordt gewaardeerd en je neemt dit perfectionisme en deze prestatiedwang over. Daaraan gekoppeld speelt het 'gezien-worden' als 'wie-je-bent' in plaats van 'wat-je-doet' een belangrijke rol. De latere waardering en acceptatie van anderen en jezelf wordt dan afhankelijk van externe factoren die gebaseerd zijn op wat je kunt of doet of hoe je eruitziet, in plaats van wie je bent als persoon.
Hoe het gezin omgaat met emoties, kan ook een rol spelen bij de ontwikkeling van een eetstoornis. Als je bijvoorbeeld als kind de boodschap meegekregen hebt dat het laten zien van je emoties een teken van zwakte is, zul je de neiging hebben om emoties op te potten. Je zoekt dan andere uitwegen om emotionele spanningen kwijt te raken, te dempen of te onderdrukken. Een eetstoornis kan er daar één van zijn.

Ontwikkeling van de persoonlijkheid
Aspecten van iemands persoonlijkheid, oftewel de innerlijke organisatie van al dan niet aangeleerde eigenschappen, kunnen de kans op het ontstaan van een eetstoornis eveneens vergroten. Als je de neiging hebt om je gevoelens te onderdrukken, kun je dit indirect uiten door je af te reageren op eten. Of wanneer je zelfwaardering sterk afhangt van je eigen uiterlijk en je een ideaalbeeld probeert na te streven, ligt de kans op het ontwikkelen van een eetstoornis op de loer. De ervaring leert dat mensen met een eetstoornis vaak perfectionistisch zijn en hoge eisen aan zichzelf stellen. Alleen als iets honderd procent perfect is, is het goed genoeg. Aan deze hoge eis kun je met geen mogelijkheid voldoen, je zult dus altijd 'falen'. Hierdoor voel je je al gauw teleurgesteld in jezelf. Dit geeft een deuk in je gevoel van eigenwaarde; sombere of depressieve gevoelens kunnen opspelen.

Ook als je vanuit onzekerheid een sterke neiging hebt om jezelf te veel aan te passen aan de omgeving en te voldoen aan de wensen van anderen, loop je een groter risico om een eetstoornis te krijgen. Een overmatig verantwoordelijkheidsgevoel en het daaruit voortkomende zorgen voor anderen in plaats van jezelf, hoort in hetzelfde rijtje.

Kortom:
Introverte (Anorexia nervosa), extraverte (Boulimia nervosa), overgevoelige, intelligente en instabiele mensen met een perfectionistische en prestatiegerichte inslag die 'doen' en 'zijn' met elkaar verwarren, onzeker zijn, afhankelijk zijn van de mening van anderen, zich neigen aan te passen en veel verantwoordelijkheidsgevoel hebben… lopen aanzienlijk meer risico om een eetstoornis te ontwikkelen dan bijvoorbeeld het tegenovergestelde persoonlijkheidstype.


Ingrijpende gebeurtenissen of omgevingsfactoren

Deze kunnen ertoe leiden dat een eetstoornis op gang komt. Waarschijnlijk was er al een sluimerende gevoeligheid voor het ontwikkelen van een eetstoornis en kunnen één of meerdere (on)bewuste gebeurtenissen de laatste druppel zijn. Hierbij kun je denken aan het uit raken van een relatie, gepest worden op school, het overlijden van een belangrijke persoon, een verkeerde opmerking van iemand, het scheiden van je ouders, seksueel misbruik, ziektes, et cetera.

Puberteit en adolescentie

Eetstoornissen ontstaan vaak in de puberteit en de adolescentiefase als er op allerlei gebieden dingen veranderen. Deze levensfase kan veel onzekerheden geven, onder andere over het uiterlijk. Seksueel ben je aan het rijpen en ook het aangaan van relaties met de andere sekse is in deze periode een ontwikkelingstaak. Angsten op het gebied van seksualiteit kunnen hierbij een rol spelen. De overgang naar volwassenheid vraagt veel van een jongvolwassene, zoals het ontwikkelen van het vermogen om een gelijkwaardig contact aan te gaan, verantwoordelijkheid te nemen, zelfstandigheid te verkrijgen als het gaat om beslissingen nemen en het versterken van emotionele autonomie, dit wil zeggen controle hebben over de eigen emoties en assertief zijn. In deze leeftijdsfase bestaat er een verhoogde kwetsbaarheid voor het ontwikkelen van een eetstoornis.

Lichamelijke aanleg

Overgewicht kan op en duur leiden tot een eetstoornis, omdat je door overgewicht eerder geneigd bent om te gaan lijnen. En lijnen vergroot weer de kwetsbaarheid voor de ontwikkeling van een eetstoornis. Je gaat diëten vanuit de specifieke angst om 'te dik te worden of te dik te zijn'. Het veelvuldig en drastisch diëten heeft echter een averechts effect. Na elke lijnpoging word je alleen maar zwaarder, waardoor de angst om dik te zijn nog meer toeneemt en de wens om af te vallen nog groter wordt. Je volgt weer een dieet, et cetera.

Ook als je door een ziekte niet meer kunt eten, afvallen of juist aankomen, als je op dieet moet of medicijnen gebruikt, kun je geobsedeerd raken door gewicht en eten. Dit kan eveneens aanleiding geven tot het ontwikkelen van een eetstoornis.

Sociale en culturele aspecten

De ambivalente maatschappelijke positie van de vrouw in de westerse maatschappij wordt door sommigen eveneens als mogelijke oorzaak gezien. Met aan de ene kant het tevergeefs nastreven van een ideaalbeeld en aan de andere kant het naleven van de tegenstrijdige en hoge eisen die aan vrouwen worden gesteld. Culturele factoren hebben ook invloed op de opvattingen die mensen erop nahouden over uiterlijk en over wat mooi en wat lelijk is. In het westen is de heersende norm voor 'succesvol': jong, mooi en vooral slank/mager. Je kunt deze norm afleiden van het ideaalbeeld dat in de reclamewereld geschetst wordt. Er bestaan veel vooroordelen over mensen die niet aan dit ideaalbeeld voldoen.

Dikke mensen worden al gauw als lui en zwak gezien. Het vergt veel zelfvertrouwen om tegen de druk van de maatschappij in te gaan. Toch is het niet zo dat het nastreven van een ideaalbeeld op zichzelf voldoende is om een eetstoornis te ontwikkelen.

Erfelijkheid en aanleg

'Het zit in de familie': uit onderzoek komt enig bewijs naar voren voor een erfelijk bepaalde aanleg voor het krijgen van een eetstoornis. Aanleg alleen is echter vaak niet voldoende om ook daadwerkelijk een eetstoornis te ontwikkelen. Meestal zijn er dan ook andere (omgevings-)factoren in het spel.

Genen

Onderzoek dat nog in de kinderschoenen staat, laat zien dat ook aanleg in genetisch opzicht een rol kan spelen. Als je van dit standpunt uitgaat, kun je stellen dat er verkeerde signalen uit de hersenen komen die verstoord eetgedrag veroorzaken. Er zijn drie elementen ontdekt: het Agoeti-gen, een gen dat een erfelijke belasting van anorexia doorgeeft; het SLC-1 molecule, een molecule in de hersenen die de hoeveelheid in te nemen voedsel reguleert; en 'ghrelin', het eetlusthormoon dat de eetlust reguleert.

Lees ook:

- Gevolgen van een eetstoornis

Deel deze pagina

Contactgegevens & Vestigingen

Human Concern

T 020 - 610 6224
F 084 - 836 27 59
E info@humanconcern.nl

Amsterdam

  Baden Powellweg 305 M
  1069 LH Amsterdam
T 020 – 610 6224
F 084 - 836 2759
E info@humanconcern.nl

Bilthoven

  Rembrandtlaan 22-a
  3723 BJ Bilthoven
T 030 - 711 6125
F 084 - 836 2759
E info@humanconcern.nl

Tilburg

  Berglandweg 32
  5022JB Tilburg
T 013-2053005
F
E info@humanconcern.nl

Den Haag

  Emmapark 3
  2595 ES Den Haag
T 070 – 450 0494
F 084 - 836 2759
E info@humanconcern.nl

Zwolle

  Emmawijk 7
  8011 CM Zwolle
T 038 – 711 4018
F 038 – 711 4019
E officezwolle@humanconcern.nl